09 dec. 2025
Schriftelijke vragen Sociaal en mensenrechten-bewust inkoopbeleid gemeente Culemborg
De Partij voor de Dieren en de Partij van de Arbeid hebben met belangstelling kennis genomen van de aangenomen motie ‘Inkopen als Mensenrechtenstad’[1] in de gemeenteraad Utrecht. Hierbij informeren we naar soortgelijke kansen voor Culemborg. 1. Hoe wordt in de praktijk beoordeeld of leveranciers voldoen aan mensenrechtennormen en internationale sociale voorwaarden? 2. Kunt u aangeven of en hoe signalen van ernstige mensenrechtenschendingen, oorlogsmisdaden of internationaal humanitair recht worden meegewogen bij het selecteren of beoordelen van leveranciers? 3. Heeft de gemeente Culemborg momenteel contracten of samenwerkingen met bedrijven die internationaal in verband worden gebracht met mensenrechtenschendingen of activiteiten in bezet gebied? Zo ja:
4. Hoe voorkomt de gemeente dat inkoop van producten of diensten afkomstig is uit illegaal door Israël bezet gebied (zoals nederzettingen in de Westelijke Jordaanoever), conform internationaal recht en de EU-richtlijnen? 5. Is het college bereid om bij toekomstige inkoop actief te voorkomen dat gemeentelijke middelen terechtkomen bij bedrijven die aantoonbaar betrokken zijn bij ernstige mensenrechtenschendingen of oorlogsmisdaden? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet? 6. Hoe wordt invulling gegeven aan de facultatieve uitsluitingsgronden op het gebied van milieu-, sociaal en arbeidsrecht? Is hiervan in de afgelopen jaren gebruikgemaakt, en zo ja, kunt u daar voorbeelden van noemen? 7. Is het college bereid om explicieter beleid te ontwikkelen ten aanzien van inkoop in relatie tot mensenrechten, vergelijkbaar met de manier waarop duurzaamheid en klimaat inmiddels zijn verankerd in gemeentelijk beleid? 8. Welke mogelijkheden ziet het college om in aanbestedingen een nadrukkelijker beroep te doen op naleving van de OESO-richtlijnen voor maatschappelijk verantwoord ondernemen, ook verderop in de keten? 9. Is het college bereid om de raad actief te informeren over de wijze waarop mensenrechten in het inkoopbeleid worden toegepast, bijvoorbeeld via periodieke rapportage of een overzicht van risicocategorieën bij leveranciers?
|
| Toelichting: Met deze vragen beogen de Partij voor de Dieren en de Partij van de Arbeid meer inzicht te krijgen in de mate waarin het bestaande beleid daadwerkelijk bijdraagt aan een rechtvaardige, menselijke en verantwoordelijke besteding van publieke middelen. |
Namens de fracties van Partij van de Arbeid, Yassin Dagdag |
Vraag 1
Hoe wordt in de praktijk beoordeeld of leveranciers voldoen aan mensenrechtennormen en internationale sociale voorwaarden?
Antwoord
Leveranciers moeten bij inschrijving een eigen verklaring (UEA) indienen waarin zij bevestigen dat zij niet betrokken zijn bij schendingen van mensenrechten of andere ernstige misdragingen. Wettelijke uitsluitingsgronden uit de Aanbestedingswet 2012 worden toegepast.
Vraag 2
Kunt u aangeven of en hoe signalen van ernstige mensenrechtenschendingen, oorlogsmisdaden of schendingen van het internationaal humanitair recht worden meegewogen bij het selecteren of beoordelen van leveranciers?
Antwoord
Door het indienen van een eigen verklaring bij inschrijving bevestigt de leverancier dat zij niet betrokken zijn bij schendingen van mensenrechten of andere ernstige misdragingen. Bij een meervoudig onderhandse aanbesteding kan bij het selecteren van partijen hier vooraf al naar gekeken worden. Bij Europese aanbestedingen kan het als eis worden gesteld in het Programma van eisen.
Vraag 3
Heeft de gemeente Culemborg momenteel contracten of samenwerkingen met bedrijven die internationaal in verband worden gebracht met mensenrechtenschendingen of activiteiten in bezet gebied?
Zo ja:
• om welke bedrijven gaat het;
• met welke contractomvang en looptijd;
• en welke afweging is hierbij gemaakt?
Antwoord
De gemeente heeft op dit moment geen contracten of samenwerkingen met bedrijven die internationaal in verband worden gebracht met mensenrechtenschendingen of activiteiten in bezet gebied.
Vraag 4
Hoe voorkomt de gemeente dat inkoop van producten of diensten afkomstig is uit illegaal door Israël bezet gebied (zoals nederzettingen in de Westelijke Jordaanoever), conform internationaal recht en de EU-richtlijnen?
Antwoord
De gemeente handelt conform EU- en nationale regelgeving.
De aanbestedingsprocedures van de gemeente voldoen aan de EU-richtlijnen (zoals 2014/24/EU en 2014/25/EU) die transparantie, gelijke behandeling en proportionaliteit waarborgen.
Vraag 5
Is het college bereid om bij toekomstige inkoop actief te voorkomen dat gemeentelijke middelen terechtkomen bij bedrijven die aantoonbaar betrokken zijn bij ernstige mensenrechtenschendingen of oorlogsmisdaden? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Wij conformeren ons aan de Internationale Sociale Voorwaarden (ISV), waarmee wij waarborgen dat onze leveranciers respectvol omgaan met mensenrechten en arbeidsomstandigheden.
Vraag 6
Hoe wordt invulling gegeven aan de facultatieve uitsluitingsgronden op het gebied van milieu-, sociaal en arbeidsrecht? Is hiervan in de afgelopen jaren gebruikgemaakt, en zo ja, kunt u daar voorbeelden van noemen?
Antwoord
Binnen onze organisatie worden de facultatieve uitsluitingsgronden op het gebied van milieu-, sociaal en arbeidsrecht toegepast conform de Aanbestedingswet 2012. Bij iedere aanbesteding wordt beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat een inschrijver in strijd heeft gehandeld met relevante wet- en regelgeving.
In de afgelopen jaren is hiervan beperkt gebruikgemaakt; er zijn geen gevallen geweest waarin een inschrijver daadwerkelijk is uitgesloten op basis van deze facultatieve gronden.
Vraag 7
Is het college bereid om explicieter beleid te ontwikkelen ten aanzien van inkoop in relatie tot mensenrechten, vergelijkbaar met de manier waarop duurzaamheid en klimaat inmiddels zijn verankerd in gemeentelijk beleid?
Antwoord
Wij conformeren ons aan de Internationale Sociale Voorwaarden (ISV), waarmee wij waarborgen dat onze leveranciers respectvol omgaan met mensenrechten en arbeidsomstandigheden.
Vraag 8
Welke mogelijkheden ziet het college om in aanbestedingen een nadrukkelijker beroep te doen op naleving van de OESO-richtlijnen voor maatschappelijk verantwoord ondernemen, ook verderop in de keten?
Antwoord
De OESO-richtlijnen zijn handvatten voor maatschappelijk verantwoord ondernemen die onder andere betrekking hebben op mensenrechten, werkgelegenheid, arbeidsverhoudingen, milieu, bestrijding van corruptie, omkoping en afpersing en belastingen. Deze onderwerpen worden ook onderschreven in ons inkoop- en aanbestedingsbeleid en of worden als uitsluitingsgronden uitgevraagd in de eigen verklaring (UEA).
Vraag 9
Is het college bereid om de raad actief te informeren over de wijze waarop mensenrechten in het inkoopbeleid worden toegepast, bijvoorbeeld via periodieke rapportage of een overzicht van risicocategorieën bij leveranciers?
Antwoord
Wij ontraden dit, omdat de wet- en regelgeving, internationale en Europese richtlijnen en ons inkoop- en aanbestedingsbeleid al voldoende kaders bieden om schending van de mensenrechten te voorkomen en leveranciers te toetsen. Daarnaast legt een dergelijke verslaglegging onevenredig veel extra werkdruk op de inkooporganisatie en haar beperkte beschikbare capaciteit.